Een grote ring rond de zon of maan lijkt bijzonder, maar is meestal een atmosferisch optisch verschijnsel: een halo. Hij ontstaat wanneer licht wordt gebroken of weerkaatst door kleine ijskristallen in hoge bewolking. De meest voorkomende vorm is de halo van 22 graden, een ruime cirkel met de zon of maan in het midden.

Waarom juist 22 graden?

Cirrus en vooral dunne sluiers van cirrostratus bestaan grotendeels uit ijskristallen. Veel kristallen hebben een zeshoekige vorm. Wanneer licht via bepaalde vlakken naar binnen en buiten gaat, verandert het van richting. Miljoenen verschillend georiënteerde kristallen sturen licht met een minimale afbuiging van ongeveer 22° naar de waarnemer. Daardoor is de binnenrand vrij scherp en lijkt het gebied tussen de lichtbron en de ring vaak donkerder.

De halo hangt niet als een vast voorwerp op één plaats in de wolk. Zijn positie hangt af van de waarnemer; iemand kilometers verderop ziet een eigen halo, gevormd door andere kristallen.

Veilig herkennen

Een halo van 22° is veel groter dan de kleine gloed die soms direct rond zon of maan verschijnt. Een uitgestrekte hand op armlengte beslaat ongeveer twintig graden en geeft dus een bruikbare schatting. Dek bij een zonnehalo de zonneschijf volledig af met een gebouw, bord of hand en kijk nooit rechtstreeks in de zon. Een zonnebril maakt dat niet veilig.

Bijzonnen

Bijzonnen of parhelia zijn heldere vlekken links, rechts of aan beide kanten van de zon, ongeveer op dezelfde hoogte. Ook zij ontstaan door breking in ijskristallen, maar meestal zijn daarvoor plaatvormige kristallen nodig die relatief geordend vallen. Ze verschijnen vaak samen met de halo van 22° en kunnen aan de zonzijde roodachtig zijn.

Een halo rond de maan

Bij maanlicht werkt dezelfde geometrie, maar het licht is zwakker. Daarom ziet een maanhalo er voor het oog meestal wit uit; een camera kan subtiele kleuren vastleggen. Er is een voldoende heldere maan nodig en een dunne laag hoge bewolking die niet te dicht is.

Halo of corona?

Een corona is kleiner, ligt dicht rond zon of maan en vertoont soms meerdere gekleurde ringen. Zij ontstaat vooral door diffractie aan waterdruppeltjes — of zeer kleine deeltjes — van ongeveer gelijke grootte. Een halo is veel groter en hoort bij breking of weerkaatsing door ijskristallen.

Komt er regen?

Cirrostratus kan voor een front uit trekken. Een halo gaat daarom soms vooraf aan een weersverandering. Toch is het geen zelfstandige voorspelling: hoge bewolking kan passeren zonder neerslag op jouw locatie. Raadpleeg de officiële verwachting en waarschuwingen en let op bredere ontwikkelingen, zoals dikker wordende bewolking, een dalende wolkenbasis of draaiende wind.

Wat vertelt een halo wél?

  • Er zijn ijskristallen aanwezig in een hoge luchtlaag.
  • Een nauwelijks zichtbare cirrostratussluier kan de hemel bedekken.
  • Bogen en lichtvlekken geven informatie over vorm en stand van kristallen.
  • Het verschijnsel voorspelt niet wanneer, waar of hoeveel neerslag valt.

Het Met Office beschrijft deze optische effecten. De Amerikaanse National Weather Service legt uit waarom een halo van 22° geen garantie voor regen is. Zie hem als een aanwijzing uit de atmosfeer, niet als een belofte.